Aantal diëtisten in 2025: RIZIV-statistieken
Het RIZIV publiceerde zijn statistieken over het aantal individuele zorgverleners in 2025. Hieronder zetten we de belangrijkste cijfers voor onze beroepsgroep op een rij.
De cijfers in een notendop
- 5.517 diëtisten hadden op 31 december 2025 het recht om prestaties te verrichten. Dat zijn er 5.218 jonger dan 65 jaar en 299 van 65 jaar of ouder.
- 1.213 diëtisten waren in 2025 actief als beroepsbeoefenaar (zie voorwaarden in volgende alinea), wat neerkomt op ongeveer 1 per 10.000 inwoners.
- In 2024 waren dat er nog 1.116. Dat is een stijging van bijna 9% op één jaar.
- Sinds 2016 (876 actieve diëtisten) is het aantal met zo’n 38% gegroeid. Het jaarlijkse gemiddelde ligt op 3,68%.
Wat betekent “actief” precies?
Het RIZIV telt een zorgverlener als "actief" wanneer die in het boekjaar minstens twee keer geattesteerd heeft, of in loondienst is bij een medisch huis dat werkt met een forfaitair bedrag. Het hoeft dus niet om een eigen praktijk te gaan. Gepensioneerde zorgverleners tellen mee als ze aan dezelfde voorwaarden.
Het recht om prestaties te verrichten heeft elke zorgverlener met een RIZIV-nummer die bevoegd is om gezondheidszorg te verlenen. Dat omvat ook zelfverklaarde actieve en gepensioneerde zorgverleners. Elke zorgverlener is zelf verantwoordelijk om zijn activiteitsstatus bij te werken via het ProGezondheid-portaal.
Een kanttekening
Het verschil tussen 5.517 diëtisten met een RIZIV-nummer en 1.213 actieve diëtisten toont dat deze telling niet het volledige werkveld van onze beroepsgroep weergeeft. Het RIZIV telt alleen wie minstens twee keer per jaar attesteert via de ziekteverzekering. Wie dat niet doet, valt buiten de telling.
Dat geldt bijvoorbeeld voor diëtisten in de voedingsindustrie, het onderwijs of de collectieve preventie, en voor wie in een ziekenhuis of woonzorgcentrum werkt. Het geldt ook voor diëtisten met een zelfstandige praktijk die niet werken met RIZIV-verstrekkingen, bijvoorbeeld omdat ze zich richten op consulten die buiten de terugbetaling vallen. De cijfers zeggen daarom vooral iets over de diëtisten die prestaties attesteren, en minder over het totale aantal diëtisten dat aan de slag is binnen de verschillende werkdomeinen.